e-

e-: < L. ex- uit.

ebbe

ebbe: < ON. efja het terugstromen.

ec-

ec- : < Gr. ek uit.

echelon

echelon: < Fr. échelon trede.

echo

echo: < Gr. ēkho < ēkhē geluid.,.!?

echografie

echografie: < echo < Gr. ēkho < ēkhē geluid.,.!? + -grafi < Gr. -graphia beschrijving < graphein schrijven, tekenen.

echt

echt: < MNl. ewe wet, huwelijk.

echter

echter: < MNl. echter, efter later, daarna < af-

echtgenoot

echtgenoot: < echt < MNl. ewe wet, huwelijk + genoot < MNl. genote iemands gelijk < ON. nautr iemand die samen met een ander geniet, in de zin van het gebruiken van iets.

eclectisch

eclectisch: < Fr. éclectique uitkiezend < Gr. eklektikos uitkiezend < eklegein kiezen.