saboteren

saboteren: < Fr. saboter belemmeren (met mischien een houde klomp tussen tantwillen van textiel fabrik ), belemmeren, afraffelen < sabot klomp.

sacrament

sacrament: < L. sacramentum heilige handling < sacrare heiligen, wijden < sacer heilig.

sacrilege

sacrilege: < Fr. sacrilege heiligschennis < L. sacrilegium tempelroof, heiligschennis, ontwijding van de godsdienst < sacer heilig + legere stelen, in bezit nemen.

sacrosanct

sacrosanct: < L. sacrosanctus heilig, onschendbaar < sacro gewijd + sanct heilig.!

sadisme

sadisme: < term genoem door psychiater R. von Kraft-Ebing, van de gedrag die beschreven als sexuel voldoening van andere pijn doen, van romans schreven door Donatien-Alphones-Fran├žois markies de Sade.

saffraan

saffraan: < Fr. safran < Ar. za' faran krokus. Komt van de gedroogde stempels van de saffraan krokus.

saga

saga: < ON. saga gesproken verhaal van legendes.!

saillant

saillant: < L. salire springen, opspringen.! Don't know About this one.

salami

salami: < It. salami gekruid worst < L. sal zout.

salaris

salaris: < MNl. salarijs loon, salaris < L. salarium zoutrantsoen, loon, salaris. Vroeger wert zout gebruikt als betal middel door de Romeinen.